Wednesday, September 04, 2024

Herinneringen

 Kleutertijd 1970-1972:


Huilend van angst bracht mijn moeder mij naar de kleuterschool. Vanaf dag één was ik een en al paniek. Het heeft best wel een tijd geduurd voordat ik een kalme fase bereikte.


Een kraakverse kleuter wordt toegevoegd aan mijn klas. Samen spelen we stilzwijgend een tijdje met blokken. De aandacht die hij krijgt, begint mij klaarblijkelijk te irriteren. Ik pak een blok en ram het op zijn hoofd, met een onvermijdelijke huilbui tot gevolg. Juf Ellen stuurt mij de klas uit en beveelt mij mijn jas aan te trekken. Ik worstel met de rits van de jas en raak in paniek. Ellen ziet mijn angst met enige bezorgdheid aan. Ik mag mijn jas weer uittrekken en terugkeren naar het klaslokaal. Ik ben nog altijd benieuwd waar ik naar toe was gebracht als ik mijn ritssluiting wel dicht had gekregen. 


We zitten met z'n allen aan tafel, juf Ellen incluis. Een meisje, wiens naam ik vergeten ben, barst op een gegeven moment in tranen uit. Ze heeft haar plas niet meer binnen weten te houden en deze lag nu grotendeels onder de tafel. Haar gezicht ben ik nooit meer vergeten. Ik herkende haar dan ook meteen toen ik in 1983 het examenjaar van de Mavo betrad. Ik zei dat haar kende van 'De Malle Molen'. Het plasincident heb ik uiteraard niet vermeld.


Ik, klasgenoot Michel en nog iemand zijn stout en moeten voor straf onder de tafel. Michel en compaan keken onder de rok van juf Ellen. Ik durfde niet te gluren of was gewoon niet geïnteresseerd.


Iedereen was aan het kleuren. Een iemand stond voor de tafel. Vlak voor hij ging zitten zette ik een krijtje rechtop zijn stoel. Een veeg op zijn broek was het gevolg. Iedereen begon in koor "Oh-oh, oh-oh" te roepen. Ik werd angstig en riep dat ze op moesten houden. Ze gingen door en juf Ellen kwam het lokaal ingespoed. Ik werd de klas uitgestuurd en moest bij juf Marian voor de klas gaan staan. 


Vol trots laat ik de klas en juf Ellen een luciferdoosje zien met daarin een onlangs getrokken kies. Later op de dag was de kies verdwenen. Een massale zoektocht was het gevolg zonder enig resultaat.


Ergens begin december staan we voor het raam en zien op een van de bovenste verdiepingen van Bachplein flat 2 (of 3) Sinterklaas lopen met knechten. Een bijzonder moment.


Elke dag een pakje schoolmelk. Meestal werd er een pakje te weinig geleverd. Ik was altijd degene die de zijne met iemand anders moest delen.


We zijn aan het tekenen. Ik teken mijn mamma in bad. Juf Ellen en een vrouwelijke mede-kleuter zijn verbaasd, want ik heb mijn moeder afgebeeld met een piemeltje in plaats van een spleetje. En dat terwijl ik haar regelmatig naakt had gezien. 


De school heette De Malle Molen. Niet voor niets, want in de hal stond een draaimolen. Het kwam niet vaak voor dat we daar in mochten. Elke rit was een onvergetelijke ervaring.


Er werd regelmatig gezamelijk gezongen in de klas. Mijn klasgenoten leken de liederen bij voorbaat al te kennen. Ik als enige niet. 


Op een gegeven moment kwam juf Ellen met de mededeling dat ze ging trouwen en dat ze nu Vos zou heten in plaats van Verhagen. 


Ik werd met regelmaat de klas uitgestuurd. Op de bovengenoemde voorbeelden na, weet ik niet meer waarom. Helpen deed het niet. Pas in 1984 hield het straffen op school op. Toen ging ik namelijk werken.


Misschien vanwege haar sprekende ogen, maar ik was een beetje bang voor juf Marian(ne) Poortvliet (Ik weet nog steeds niet wat haar relatie was tot Rien Poortvliet. Was zij zus, nicht, of gewoon de vrouw van broer Karel?). Na mijn kleutertijd zag ik haar rond 1978 bij Hof van Spaland met twee grote honden. Daarna heb ik haar nooit meer gezien.


Ik liep al op jonge leeftijd zelf van school naar huis. Mijn moeder stond altijd bezorgd op de uitkijk. Ik was nogal dromerig en bij het oversteken van de weg voor de Mozartlaan moest menig automobilist op de rem trappen, met een tierende moeder tot gevolg. Boos op mij, niet op de bestuurder.


Dirk 'Dikkie' Bergman was een van mijn klasgenoten in het tweede jaar. Hij had ruzie met andere jongens en verwachtte klaarblijkelijk een dag later een confrontatie. Als voorbereiding zou hij iets van 6 boterhammen eten. Hoe het is afgelopen, weet ik niet. Hij heeft het overleefd, want ik kwam hem weer tegen op de Verveenschool en op de LEAO. Begin jaren 90 kwam ik hem per toeval tegen in de buurt van Ahoy in Rotterdam. Na een kort gesprek namen we afscheid. Ik heb hem nooit meer gezien daarna.


Na een schooldag had ik ruzie met iemand. We belanden in een worsteling. Ik beet hem keihard in zijn pols en beëindigde daarmee het gevecht. Daarna liep ik naar huis met een andere kleuter, die toe had staan kijken.